Opiniestuk van Dirk Ottenburghs – medewerker PR & Communicatie Limburgs Landschap vzw

Vandaag las ik in Het Belang van Limburg een artikel over de uitspraak “er is genoeg industriegrond in Limburg” vanuit het standpunt van de ondernemers en de deputé Inge Moors. In het artikel weerleggen ze deze uitspraak (of proberen dit toch). Met volle aandacht heb ik dit dan ook een paar keer gelezen.

Te veel of niet?

Laten we de cijfers even bekijken. Er is dus momenteel 3.000 ha industriegrond beschikbaar. Daar kan je toch iets mee. Maar dan begint de ‘aftel-rekening’. 1.200 ha wordt door bedrijven als reserve gehouden. Denkelijk om ruimte te houden voor toekomstige uitbreidingen. Daarnaast zijn, volgens hen, heel wat gronden niet bruikbaar wegens het ontbreken van de nodige infrastructuur, vervuilde gronden en tal van andere redenen. Dan blijft er netto 632 ha over die wel ‘in orde’ is om dadelijk in gebruik te nemen. “Slechts 5% van het aanbod”, volgens deputé Inge Moors, “dat plaats alles toch in het juiste perspectief”. Is dat zo? Ik denk het niet.

Orde

Waar ik de woordvoerders in het bewuste artikel wel volledig volg is dat er wat betreft de ligging van de industriegronden verbetering mogelijk is. Maar dit is een zeer oud Belgisch, vooral Vlaams, pijnpunt. Ruimtelijke ordening noemen ze dit. In Vlaanderen heb ik eerder de indruk dat het om ‘Ruimtelijke Wanorde’ gaat. Maar jammer genoeg is het oplossen van dit probleem niet zo maar eventjes snel-snel op te lossen. De simpelste manier zou zijn om alles van de kaart te vegen en helemaal opnieuw te starten. Ik vrees echter dat dit plan niet echt realistisch is. Dus langzaam verschuiven met de blokjes is de boodschap. Heel doordacht. Maar misschien moeten we dat ‘schuif-plan’ bekijken vanuit het standpunt dat we een beter leefbare omgeving willen creëren. En niet vanuit het standpunt van elke sector apart. Iets wat ik ook in hun voorstel zie. Dus dat is een goede zaak.

Aanbod

Toch ben ik helemaal niet akkoord met hun rekensommetje. Zo duiken er ook nog eens 381 kavels op waar op dit moment leegstaande industriegebouwen opstaan. Die dus alvast in de juiste zone liggen volgens het gewestplan. Maar ook die worden niet opgenomen in de som.
De reden, volgens hen, is dat deze gebouwen niet voldoen aan de wensen van de ondernemer. Dat de huidige normen te hoog liggen, zodat ze heel wat aanpassingen vragen voor ze terug als een volwaardige site kunnen gebruikt worden. Zo ook met alle percelen waar de nodige infrastructuur ontbreekt of een sanering nodig is van de gronden. Dus tellen ze niet mee en zijn er nieuwe gronden nodig om alle ondernemers die een bedrijf willen opstarten of uitbreiden van grond te voorzien. “Want de vraag is veel groter dan het aanbod wat industriegronden betreft” is de conclusie. Neen, hier ben ik totaal niet mee akkoord. De juiste conclusie is: de vraag is veel groter dan het aanbod wat… zo goedkoop mogelijke industriegronden betreft.

Rendement

Want het is natuurlijk veel goedkoper om te vertrekken van een perceel waar je, buiten wat bomen die moeten gekapt worden, dadelijk kan starten met de werken voor de bouw van een industriegebouw. De architect is ook gelukkig, want hij kan van een kaal stuk grond vertrekken en moet geen rekening houden met bestaande gebouwen. Het financiële plaatje zal er een stuk beter uit zien. Daar is het de ondernemer in eerste instantie dan ook om te doen. Winst maken. Waar op zich natuurlijk niets mis mee is. Maar is meer altijd zo goed? Misschien moeten we daar eens dieper op ingaan?

Afstappen van het oude model, dat is wat we moeten durven en doen.

Dirk Ottenburghs

Creatief

381 kavels met oude gebouwen die leegstaan? Dat is toch een schitterende kans om deze, nu toch nutteloze, gronden en gebouwen terug te activeren. Met de nodige creativiteit en inspanningen moet dat toch lukken. Ik ben er van overtuigd dat onze ondernemers dit geweldig zouden doen, met schitterende en innovatieve oplossingen.

Een hoop percelen hebben niet de juiste infrastructuur. Tja, daar ben ik dan helemaal niet mee. Want als je een bos kapt om er industriegrond van te maken, moet je die infrastructuur toch ook nog voorzien. Of liggen er onder de wortels van die bomen al de nodige leidingen? Natuur werkt niet met een stekker, dacht ik toch. Denkfoutje volgens mij.


Niet bruikbaar want vervuild? Ik veronderstel dat hier al een heel onderzoek werd gedaan hoe we ze dan wel terug bruikbaar kunnen maken. Saneren die boel. Trouwens, dat moet sowieso gebeuren met deze gronden. Daar zijn ze toch volop mee bezig? Of heb ik het volledig mis?
Op die manier kan je die 5% een stuk omhoog trekken en is er alvast heel wat aanbod meer. Maar dat gaat mogelijk iets meer kosten. Daar wringt volgens mij, voor een groot stuk, het schoentje.

Omgekeerd

“Maar dat de natuur steeds het slachtoffer is van de industrie, is ook niet waar” aldus Johann Leten van VOKA. Klopt volledig. Want de natuur is, naast de industrie, ook nog eens slachtoffer van de landbouw, wegeninfrastructuur en wegenbouw die aan hun deeltje van de ruimtelijke-ordening-koek knabbelen. Ook de steeds hoger worden recreatie-druk en een stijgende bevolking wegen op onze natuur. Natuur verdwijnt om diverse redenen. De mensen pikken dit niet meer en staan steeds vaker op de barricades als er weer maar eens natuur moet wijken voor een nieuwe bestemming. Steeds vaker halen deze actiegroepen hun slag thuis, gelukkig. Maar de oppervlakte natuur die uiteindelijk toch verdwijnt is jammer genoeg nog steeds veel groter dan de natuur die we kunnen behouden. Laat staan dat er natuur zou bijkomen.

“Investeringen zijn van maatschappelijk belang. Zeker nu er een economische crisis komt aangerold” gaat Leten verder. Daar zit volgens mij de grote denkfout of het verschil van mening. Door de corona-crisis is pijnlijk duidelijk geworden hoe kwetsbaar ons huidige maatschappelijk systeem wel is. Dit systeem dan terug, in zijn vroegere vorm, terug opstarten is volgens mij de grootste flater die we kunnen maken. ‘Economische groei is nodig om onze welvaart te behouden’, klopt dit wel? Welvaart wel, maar welzijn is iets anders. Misschien zelfs veel belangrijker. Natuur opofferen voor de ‘oude’ visie is een kapitale fout.
Want het ‘misbruiken’ van onze natuur om steeds meer groei te realiseren en meer welvaart te creëren (voor een deel van de wereldbevolking) is nu net de oorzaak van rampen zoals de huidige corona-crisis. Door gewoon verder te doen zoals we bezig waren zullen we dus enkel maar zorgen voor meer crisissen.
Zuinig omspringen met de natuur en ze versterken is de boodschap die heel veel wetenschappers ons geven. De klimaatcrisis komt in een rotvaart op ons af. Wie weet wat er ons nog allemaal te wachten staat? Misschien dat we het hele plaatje eens van een heel andere kant moeten bekijken? Niet meer groeien, maar wel anders en duurzamer ondernemen met respect en zelfs ondersteuning van en voor de natuur. Natuur die we nog heel hard gaan nodig hebben.

Tekst: Dirk Ottenburghs

Artikel HBVL: Genoeg industriegrond in Limburg? “Dat verhaal zijn we zó beu” door Dominiek Claes
Enkel volledig te bekijken voor abonnees van Het Belang van Limburg